Ziektebeelden Cavia

Ziektebeelden Cavia

Omdat de cavia van nature een prooidier is zal een cavia niet snel laten merken dat hij ziek is. Ook onze huiscavia laat niet snel blijken dat hij zich niet goed voelt. Het is daarom vaak lastig om op tijd te zien dat de cavia ziek is.

Een zieke cavia kan de volgende signalen afgeven:

  1. sloom zijn
  2. niet willen eten of drinken
  3. kreunend piepen of tandenknarsen (uiting van pijn)
  4. stil in een hoekje zitten

Hier worden enkele veel voorkomende problemen beschreven:

  1. Gebitsproblemen
  2. Huidproblemen
  3. Luchtwegproblemen
  4. Maagdarmproblemen
  5. Satijnziekte

Gebitsproblemen

Wanneer een cavia geboren wordt, is het permanente gebit al aanwezig en de cavia wisselt dus niet. De cavia kan dan ook al direct vast voer eten. Het normale gebit blijft gedurende het hele leven doorgroeien. De snijtanden groeien wel 6-8 cm per jaar. Het is dus erg belangrijk dat de tanden goed op elkaar afslijten. De cavia knaagt om zijn snijtanden op de juiste lengte te houden, om ze scherp te houden en om ze beitelvormig te houden.

Door diverse oorzaken kunnen er problemen ontstaan met de natuurlijke afslijting van tanden en kiezen met allerlei complicaties tot gevolg.

Symptomen van een gebitsprobleem bij de cavia kunnen zijn:

  • Wel willen eten, maar niet kunnen.
  • Algeheel ziek zijn
  • Slecht vacht hebben
  • Tandenknarsen
  • Speekselen
  • Vermageren
  • Alleen zacht voer willen eten

Wanneer u een gebitsprobleem bij uw cavia verwacht is het verstandig om het gebit gelijk te laten beoordelen op onze praktijk. De dierenarts kan op een snelle en weinig belastende manier de tanden en kiezen controleren.

Door een te kort aan vitamine C (zie voeding) kan het kaakgewricht pijnlijk worden en de kaakspieren minder sterk. De cavia wil niet meer eten, omdat dit hem pijn doet. Wanneer het te kort aan vitamine C langer bestaat zal een afwijkende slijtage plaatsvinden van de kiezen doordat de onderkaak niet meer stevig tegen de bovenkaak wordt getrokken. Hierdoor kunnen haken op de kiezen ontstaan en kunnen de voorste kiezen zelfs een brug vormen over de tong waardoor eten niet meer mogelijk is. Ook zullen zowel tanden als kiezen minder stevig verankerd zitten in het bot waardoor scheefstand van tanden kan ontstaan.

Wanneer de tand door trauma afbreekt kan de tand verkeerd en scheef terug groeien waardoor een afwijkende stand ontstaat. De tand kan ook helemaal niet meer terug groeien waardoor de tegenoverliggende tand niet meer afslijt.

Het kaakgewricht kan uit de kom raken door te hardhandig vastpakken, door onderling vechten, door botsen of vallen. Soms zelf al door zonder verdoving de kiezen te knippen. De onderkaak zit niet meer stabiel in het kaakgewricht en er ontstaat een scheve stand van tanden en kiezen. De ontwrichting van het kaakgewricht is niet te herstellen middels operatie. De natuur zal binnen enkele weken een nieuw funktioneel gewricht vormen. Het is uiteraard van het grootste belang dat de cavia in de tussentijd gedwangvoederd wordt met vloeibaar voedsel!

Een abces aan de kaak kan zich ontwikkelen door een ontsteking van een tand- of kieswortel wat kan ontstaan door een breuk of door losse tanden. Ook dit laatste wordt vaak veroorzaakt door vitamine C tekort. Een abces aan de kaak openbaart zich meestal als een groeiende bult. De cavia zal minder goed eten en minder actief zijn. Het abces zal geopend en gedraineerd worden en we gaan op zoek naar de mogelijke onderliggende oorzaak (de tand of kies).

Wat is de behandeling van te lange of misvormde snijtanden?

Wanneer de tanden van de cavia niet goed op elkaar afslijten, kunnen te lange of misvormde tanden ontstaan. Omdat de tanden van een cavia hun hele leven lang doorgroeien, levert dit al snel problemen op. Om problemen te voorkomen, en om eventueel de stand te corrigeren, is een behandeling noodzakelijk.

Het knippen van de snijtanden is een snelle methode maar wordt toch om meerdere redenen als min of meer dieronvriendelijk betiteld; de tand kan splijten, het knippen is pijnlijk en geeft stress, de afgeknipte tanden zijn scherp en kunnen de tong en lip beschadigen en door de kracht kan de tandkas beschadigd raken. Daarnaast is knippen een tijdelijke oplossing. Wanneer men toch besluit te knippen, let dan op dat de tanden niet te kort worden geknipt: bovensnijtanden 6-9 mm, ondersnijtanden 10-12 mm. Het knippen wordt wel geadviseerd bij trauma waarbij een tand tijdelijk ingekort wordt om de getraumatiseerde tand de tijd te geven om op lengte te komen. We adviseren dan wel bij onrustige dieren om dit onder sedatie te doen.

Het slijpen van snijtanden wordt gedaan met een watergekoelde hoge snelheidsboor. De druk die hierbij op de tand wordt uitgeoefend is minimaal. Wanneer de cavia rustig is, kan dit zelfs zonder sedatie. Ook hier geldt dat de tand niet te kort moet worden geslepen. Slijpen komt ook in aanmerking bij tijdelijk te korte tanden door bijvoorbeeld trauma.

Wanneer er haken op de kiezen zijn ontstaan, zullen deze onder verdoving geknipt en geslepen worden. Het is belangrijk om te weten dat de haken soms na enkele weken al terug kunnen komen. Een goede en frequente inspectie door de eigenaar is dan ook van het grootste belang.

Huidproblemen

We zien regelmatig cavia’s op het spreekuur met huidproblemen. Een huidprobleem bij de cavia kan zich op de volgende manieren uiten:

  • jeuk
  • kaalheid
  • schilfers
  • roodheid
  • wondjes
  • korstjes
  • ontsteking

Oorzaken van een huidprobleem die wel behandeld dienen te worden zijn:

  • Schurft
  • schimmel
  • luizen
  • abcessen

Schurft

Schurft bij de cavia wordt veroorzaakt door de schurftmijten. De schurftmijten graven zich in onder de huid van de cavia.

Symptomen zijn met name jeuk en korstjes en rusteloosheid.

Op basis van het klinisch beeld en door middel van microscopisch onderzoek van een huidafkrabsel waarin de mijten en hun eitjes te vinden zijn stellen we de diagnose.

De cavia besmet zich door direct contact met besmette cavia’s en indirect, bijvoorbeeld via hooi. De mijten kunnen soms lang onopgemerkt aanwezig blijven.

Een behandeling met Stronghold® is zeer succesvol. Dit middel wordt door middel van een pipetje in de nek gedruppeld en na drie weken herhaald. Zelden is een derde behandeling nodig. Daarnaast is het verstandig het hok goed schoon te maken en te ontsmetten; hooi dient daarbij vervangen te worden. Eventueel kan de secundaire huidontsteking behandeld worden met antibiotica en ontstekingsremmers.

Schimmel

Schimmel is ook besmettelijk voor de mens! De cavia kan een rode huid krijgen, er ontstaan ovale plekken met haarverlies en soms korstvorming. De symptomen zijn vooral zichtbaar rond de ogen, de oren en de lippen. Soms zien we uitbreiding naar de rug. De poten doen vaak niet mee. Jeuk is variabel. Een behandeling is goed mogelijk, maar is wel langdurig.

Luizen

Bij de cavia komen drie soorten luizen voor. De volwassen vrouwtjes leggen eieren (neten) en deze ontwikkelen zich via drie larvale stadia tot volwassen luizen. De neten zitten meestal dicht bij de huid aan de haren vastgekleefd en de volwassen luizen op de huid. De luizen leven ongeveer twee tot drie maanden en voeden zich met huidschilfers van de cavia. De luizen zijn diersoortspecifiek en zullen dus niet overgaan op hond, kat of mens.

De cavia heeft jeuk en lijdt echt van de luisbesmetting

De cavia besmet zich via direct contact met besmette dieren en door indirect contact, bijvoorbeeld vis hooi en bodembedekking. Luizen worden vaak meegebracht door een nieuw geïntroduceerde cavia.

Luizen zijn met een geoefend oog met het blote oog te zien. Met een afkrabsel zijn ze onder de microscoop nog beter aan te tonen.

We behandelen een cavia met luis succesvol met Stronghold® als druppelbehandeling in de nek. Voor de zekerheid herhalen we dit na ongeveer drie weken. Daarnaast is het van groot belang om alle dieren tegelijk te behandelen en het hok en toebehoren goed te reinigen.

Abcessen

Een abces is een ophoping van pus in een holte die is ontstaan door een ontsteking. De holte zelf is bij een gezonde cavia niet aanwezig en deze ontstaat door ontsteking. Pus bestaat uit witte bloedcellen, bacteriën en dode lichaamscellen van de cavia. Het lichaam probeert het abces af te schermen van de rest en er wordt daarom een bindweefselkapsel gevormd om het abces. Het abces breidt zich vervolgens uit naar de plek met de minste weerstand.  Afhankelijk van de plek van het abces breekt het door de huid naar buiten of naar bijvoorbeeld de mond- of keelholte.

Een abces openbaart zich als een steeds groter wordende bult waar pus uit kan komen. Andere symptomen kunnen zijn: kaalheid, sloomheid en slechte eetlust.

Alhoewel een abces veroorzaakt wordt door een ontsteking, is het toedienen van alleen antibiotica onvoldoende. Antibiotica zullen door het kapsel en de grote hoeveelheid pus niet doordringen tot in het abces. We draineren en spoelen daarom het abces; dit wil zeggen dat we onder een roesje het abces openen en de pus verwijderen.

Luchtwegproblemen

Cavia’s hebben gevoelige luchtwegen wat wil zeggen dat zij gemakkelijk een luchtweginfectie kunnen oplopen. Diverse virussen en bacteriën  kunnen de verwekker zijn. Een niet-optimale huisvesting (zoals bijvoorbeeld tocht) kan de infectie sneller laten aanslaan.

Cavia’s met een luchtweginfectie kunnen hoesten, niezen en reutelen. Soms hebben ze een vieze neus en zijn sloom. De luchtweginfectie wordt voornamelijk via de lucht verspreid. Ook neus-neus contact tussen cavia’s kan een infectie overbrengen. Wanneer de cavia niet optimaal gehuisvest of verzorgd wordt, zal de algehele weerstand verminderen en maken dit soort infecties meer kans.

De behandeling bestaat uit het geven van een antibioticum, vaak gecombineerd met een ontstekingsremmer en soms met een slijmoplossend middel. Cavia’s die zo ziek zijn dat ze niet meer willen eten zullen gedwangvoederd moeten worden. Oogontstekingen kunnen tevens aangepakt worden met een antibioticumhoudende oogzalf.

Maagdarmproblemen

Trommelzucht of tympanie

Cavia’s kunnen niet braken of boeren en wanneer er overmatig veel gas gevormd wordt in maag of darm, kan dit levensgevaarlijk zijn. Gasvorming kan ontstaan door het geven van bedorven voer, te veel voer (overeten), verkeerd voer (als klaver en koolsoorten), stress, gebits-problemen of andere onderliggende ziekten. Deze overmatige gasvorming in maag of darm noemen we ook wel tympanie of trommelzucht. De darmflora kan verstoord raken en de verkeerde bacteriën kunnen de overhand nemen waardoor er naast te veel gas ook schuimachtig gas ontstaat wat nog moeilijker uit de darm verdwijnt.

Een cavia met tympanie kan de volgende symptomen vertonen:

  • een opgelopen, pijnlijke buik
  • erg onrustig of juist apathisch
  • niet eten
  • tandenknarsen (pijn)
  • in ernstige gevallen uitdroging, shock, benauwdheid en sterfte

Door een goed klinisch onderzoek van de cavia kunnen we de diagnose stellen. We voelen in de buik en luisteren naar de darm met de stethoscoop. Ook kunnen we een röntgenfoto maken om de gasvorming in beeld te brengen.

We behandelen de cavia met darmstimulerende middelen, pijnstillers en eventueel een infuus.

Bij een adequate en snelle behandeling is de prognose redelijk goed. Wanneer de tympanie al langer bestaat en er zijn al shockverschijnselen, dan is de prognose beduidend  minder goed. Tevens hangt de prognose af van de aan- of afwezigheid van onderliggende problemen zoals een gebitsprobleem.

Diarree

Cavia’s hebben normaal langgerekte keutels die een redelijk vaste constistentie hebben. Dit wil zeggen dat de keutel zo opgepakt kan worden zonder vieze handen te krijgen. De cavia heeft, net als het konijn, twee soorten keutels; de blinde darmkeutels die weer opgegeten worden omdat niet alle voedingsstoffen en vitamines bij de eerste passage in de darm worden benut, en de gewone keutels die niet opgegeten worden en die we in het hok terug vinden.

Wanneer de ontlasting niet goed en stevig gevormd is en duidelijk te nat is, dan spreken we van diarree. U vindt dan geen mooie keutels in het hok en de diarree kan aan het achterwerk.

Oorzaken voor diarree zijn:

  1.  bedorven voeding of plotselinge voerverandering
  2.  coccidiose
  3. cryptosporidium infectie
  4. dysbacteriose ten gevolge van antibioticumgebruik
  5.  andere oorzaken die we niet zo vaak tegen komen zijn worminfecties en infecties met flagellaten (Trichomonas caviae)
  6. verkeerde voeding

Wanneer een cavia verkeerde voeding, te veel voeding of bedorven voeding krijgt, kan dat leiden tot een darmprobleem. Het darmslijmvlies zal aangedaan raken en de normale afweer in de darm raakt verstoord. In ieder geval zal het rantsoen genormaliseerd moeten worden. Belangrijk daarbij is het geven van veel vers hooi met een hoog vezelgehalte.

Coccidiose

Eéncellige parasieten (protozoën) zoals Cryptosporidium en Eimeria caviae (coccidiose) die in de blinde en dunne darm leven kunnen een oorzaak zijn van diarree. De ontlasting is slecht gevormd en soms brijig. Soms is de diarree het enige symptoom, maar in veel gevallen is de cavia duidelijk ziek, trekt zich terug, wil niet meer eten en kan uitdrogingsverschijnselen vertonen. Het is dan ook verstandig om met de cavia naar de praktijk te komen.

Aan de hand van de klinische verschijnselen en op basis van microscopisch onderzoek van verse ontlasting stellen we de diagnose.

We behandelen cavia’s met coccidiose met ESB3 poeder gedurende 12 dagen of met toltrazuril gedurende 3 tot 5 dagen.

Dysbacteriose door antibioticumgebruik

Dysbacteriose wil zeggen dat er in de darm van de cavia een verkeerd evenwicht is tussen de goede en de slechte bacteriën. Dysbacteriose kan ontstaan wanneer de cavia behandeld is met een antibioticum wat niet geschikt is voor de cavia. Dit resulteert in een vaak ernstige diarree.

De cavia krijgt dunne tot waterdunne diarree, zijn sloom en stoppen met eten. In ernstige gevallen kan de cavia uitdrogen en zelfs overlijden.

Op basis van het klinisch beeld en de wetenschap dat de cavia recent is behandeld met een verkeerd antibioticum stellen we de diagnose.

Dysbacteriose is moeilijk te genezen. De cavia zal intensief behandeld moeten worden met infusen, pijnstillers en met een antibioticum wat met name de ‘verkeerde’ bacteriën aanpakt. Daarnaast zal de normale darmwerking en -flora hersteld moeten worden met vezelrijk hooi.

Satijnziekte

Satijnziekte is een chronische bot- en gewrichtsaandoening. Satijnziekte is een erfelijke stofwisselingsziekte waarbij er botontkalking en verbindweefseling van het bot plaats vindt. Doordat bindweefsel veel zachter is dan bot wordt het skelet week en instabiel. De symptomen openbaren zich meestal op 1 – 1.5 jarige leeftijd.

Satijnziekte wordt nagenoeg uitsluitend gezien bij satijncavia’s; cavia’s die, doordat hun haren een holle structuur hebben, door het invallende licht een zeer herkenbare en glanzende vacht hebben. Deze glanzende vacht heeft wel wat weg van parelmoer en lijkt op satijn.

Men vermoedt dat satijnziekte ontstaat door een genetische afwijking in de calciumabsorptie van de botten.

Satijncavia’s met satijnziekte kunnen de volgende symptomen laten zien:

  • meer liggen dan normaal
  • afwijkende beweging
  • pijn
  • gewichtsverlies
  • ontzien van achterpoten
  • verlammingsverschijnselen

Op basis van het klinisch beeld wordt de waarschijnlijkheidsdiagnose gesteld die bevestigd kan worden door röntgenfoto’s van heup, bovenbeen of schedel en bloedonderzoek. In dit bloedonderzoek wordt een laag calciumgehalte, een hoog fosfaatgehalte en een verhoogd alkalische fosfatase aangetroffen.

Satijnziekte is niet te genezen.

Stel ons een vraag


Stel ons een vraag of maak een afspraak

info@dgcdenieuwehanze.nl